Taalontwikkeling

Taalontwikkeling: woordenschat en meervouden met prenten

Taalontwikkeling is de manier waarop een kind woorden, zinnen en taalregels leert begrijpen en gebruiken, eerst door te luisteren en te spreken, later ook door te lezen. In De Oefenfabriek oefen je twee onderdelen met prenten: woordenschat per thema en meervouden. Er zijn 92 oefeningen, waarvan 77 ook online.

Oefeningen
92
Ook online
77
Leerjaren
Kleuters tot tweede leerjaar
Oplossingsblad
Bij elk werkblad
Voorbeeld van het werkblad "Winter - Juiste woord kiezen" (Taalontwikkeling)
Voorbeeld van het werkblad "Eten en drinken - Juiste prent omcirkelen" (Taalontwikkeling)
Voorbeeld van het werkblad "Terug naar school - Verbinden met prenten" (Taalontwikkeling)

Gemaakt door logopedisten en leerkrachten uit de praktijk

Bijgewerkt op

Zo ziet een werkblad eruit

Echte voorbeeldbladen, zoals je ze uit De Oefenfabriek print. Klik om te vergroten.

Voorbeeld van het werkblad "Terug naar school - Verbinden met prenten" (Taalontwikkeling)

Terug naar school - Verbinden met prenten

Voorbeeld van het werkblad "Winter - Juiste woord kiezen" (Taalontwikkeling)

Winter - Juiste woord kiezen

Voorbeeld van het werkblad "Eten en drinken - Juiste prent omcirkelen" (Taalontwikkeling)

Eten en drinken - Juiste prent omcirkelen

Voorbeeld van het werkblad "Meervoud op -en - Meervoud schrijven" (Taalontwikkeling)

Meervoud op -en - Meervoud schrijven

Probeer het zelf

Zo ziet een online oefening eruit voor je leerling. Vul ze in en zie meteen de score. Er wordt niets opgeslagen.

Terug naar school - Verbinden met prenten

Lees het woord. Trek een lijn naar de juiste prent.

Zonder account. Er wordt niets bewaard.

Voor wie zijn de oefeningen taalontwikkeling bedoeld?

De oefeningen zijn gemaakt voor kinderen die extra steun nodig hebben bij het opbouwen van hun Nederlands. Denk aan kleuters en jonge kinderen in een taalklasje, kinderen die thuis een andere taal spreken en kinderen die bij de logopedist werken aan woordenschat of zinsbouw.

Daarom werken ze met prenten en vragen ze weinig lezen. Een kind herkent een prent, hoort of leest het woord erbij en koppelt die twee. Wie nog niet vlot leest, kan de oefeningen samen met een volwassene doen: de volwassene leest het woord voor, het kind wijst of kleurt.

Ook in een gewone klas zijn ze bruikbaar. Bij de start van een nieuw thema helpen ze om de woorden van dat thema vast te leggen voor alle kinderen. In het eerste en tweede leerjaar sluiten de meervoudoefeningen aan bij wat kinderen leren over enkelvoud en meervoud. De oefeningen stellen geen diagnose. Ze zijn materiaal om mee te oefenen, naast gesprekken, spel en voorlezen.

Welke onderdelen van taalontwikkeling kun je oefenen?

Taalontwikkeling is breed: woordenschat, zinsbouw, woordvorming, verhaalbegrip en nog veel meer. De Oefenfabriek richt zich op twee onderdelen die je goed met prenten kunt oefenen.

Bij woordenschat leert een kind de woorden van een thema. De thema's volgen het schooljaar, van terug naar school over Sinterklaas en kerst tot de zomer, met daarnaast thema's als het lichaam, voertuigen en eten en drinken. Per thema zijn er vijf oefenvormen, van verbinden tot prentkaartjes om mee te spelen.

Bij meervouden leert een kind hoe je van één appel twee appels maakt. Je bouwt op van meervouden op -en, over meervouden op -s, tot onregelmatige meervouden zoals stad en steden. Daarna komen ze door elkaar.

Elk onderdeel heeft een eigen pagina met uitleg, tips en alle oefeningen. Begin bij het onderdeel dat het best past bij wat het kind nu nodig heeft.

  • Woordenschat: woorden per thema leren met verbinden, kiezen, omcirkelen, wat hoort er niet bij en prentkaartjes.
  • Meervouden: meervoud op -en, op -s, onregelmatig en door elkaar, met schrijven, kiezen, verbinden en sorteren.

Hoe ondersteun je de taalontwikkeling van een kind naast een werkblad?

Een kind leert taal vooral in gesprek. Een werkblad is een aanleiding om te praten, geen vervanging ervan. De tijd rond het werkblad is minstens zo waardevol als het werkblad zelf.

Praat over de prenten. Vraag wat het kind ziet, wat je ermee doet en of het zoiets thuis heeft. Herhaal wat het kind zegt in een iets rijkere zin. Zegt het auto, dan antwoord je: ja, een rode auto, die rijdt snel. Zo hoort het kind nieuwe woorden en zinnen zonder dat je het verbetert.

Herhaal de woorden op andere momenten van de dag, in de klas, in de kring of tijdens het spelen. Een woord zit pas vast als een kind het vaak gehoord en zelf gebruikt heeft. Lees ook voor, liefst over hetzelfde thema. Prentenboeken bieden woorden in een verhaal, en dat maakt ze makkelijker te onthouden.

Wat stel je in bij een oefening taalontwikkeling?

Bij woordenschat kies je eerst een thema en een oefenvorm. Bij de oefeningen met woorden kun je het lidwoord tonen: de muts in plaats van muts. Dat is handig voor kinderen die de en het nog moeten leren. Bij de keuzeoefeningen kies je hoeveel keuzes er per rij staan. Met twee keuzes kan een kind nog gokken, met vier moet het goed kijken.

Bij meervouden kies je een niveau en een oefenvorm. Je bepaalt ook hoe vaak dezelfde prent staat om het meervoud te tonen: twee, drie, of wisselend per rij. Bij wisselend moet het kind het telwoord goed lezen.

Bij elk werkblad hoort een oplossingsblad. De meeste oefeningen kunnen ook online, in de sessie of als huiswerk, met automatische verbetering. De prentkaartjes om uit te knippen blijven op papier. Met een gratis account maak je meteen werkbladen. Met Pro heb je toegang tot alle oefeningen en functies.

Welke minimumdoelen oefen je hiermee?

Een greep uit de Vlaamse minimumdoelen waar deze oefeningen bij aansluiten. Alle minimumdoelen bekijken

  • Nederlands, , doel 1.4.1

    De kleuters kunnen basiswoordenschat en eenvoudige betekenisrelaties inzetten met betrekking tot de leefomgeving en de school.

  • Nederlands, , doel 1.4.3

    De kleuters kunnen onder begeleiding hun woordenschat uitbreiden.

  • Nederlands, 4de leerjaar, doel 1.4.9

    De leerlingen kennen woorden:

Veelgestelde vragen

Zijn de oefeningen geschikt voor anderstalige kinderen?

Ja, daarvoor zijn ze mee gemaakt. Ze werken met prenten en vragen weinig lezen, zodat een kind zich kan richten op het woord zelf. Met het lidwoord erbij leert het meteen ook de of het.

Kan een kind dat nog niet leest deze oefeningen maken?

Een deel wel. Wat hoort er niet bij en de prentkaartjes werken zonder lezen. Bij de andere oefeningen leest een volwassene het woord voor en wijst of kleurt het kind.

Zijn dit logopedische oefeningen?

Logopedisten gebruiken ze in hun therapie, maar het zijn geen diagnostische testen. Ze zijn bedoeld om woorden en meervouden te oefenen. Een logopedist bepaalt zelf welke oefening past bij de doelen van een kind.

Komen er nog onderdelen bij?

Taalontwikkeling is een nieuw domein in De Oefenfabriek. Nieuwe oefeningen verschijnen in de lijst met updates in de app, en krijgen een tijdje een label Nieuw.

Taalontwikkeling oefenen met je eigen werkblad

Kies een oefening, stel ze in en print. De oplossingen krijg je er gratis bij.