Spelling

Weetwoorden oefenen: werkblaadjes en online oefeningen

Weetwoorden zijn woorden waarvan je de schrijfwijze niet kunt horen of afleiden met een regel: je moet ze gewoon weten. Denk aan ei of ij in trein en fijn, of ou of au in goud en blauw. Hier maak je werkblaadjes die zulke woordbeelden stap voor stap inslijpen.

Oefeningen
61
Ook online
61
Leerjaren
Tweede tot vijfde leerjaar
Oplossingsblad
Bij elk werkblad
Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden ou/au - Markeren twee kleuren" (Weetwoorden)
Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden wr/vr - Klank invullen" (Weetwoorden)
Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden ei/ij - Sorteren" (Weetwoorden)

Gemaakt door logopedisten en leerkrachten uit de praktijk

Bijgewerkt op

Zo ziet een werkblad eruit

Echte voorbeeldbladen, zoals je ze uit De Oefenfabriek print. Klik om te vergroten.

Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden ei/ij - Sorteren" (Weetwoorden)

Onthoudwoorden ei/ij - Sorteren

Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden ou/au - Markeren twee kleuren" (Weetwoorden)

Onthoudwoorden ou/au - Markeren twee kleuren

Voorbeeld van het werkblad "Onthoudwoorden wr/vr - Klank invullen" (Weetwoorden)

Onthoudwoorden wr/vr - Klank invullen

Voorbeeld van het werkblad "Woorden met -isch/-ies - Uitgang invullen" (Weetwoorden)

Woorden met -isch/-ies - Uitgang invullen

Probeer het zelf

Zo ziet een online oefening eruit voor je leerling. Vul ze in en zie meteen de score. Er wordt niets opgeslagen.

Onthoudwoorden ei - Zinnen invullen

Vul het juiste ei-woord in de zin in

  • Het ___ van het verhaal is mooi.
  • Eikels vallen van de ___ op de grond.
  • De paarden staan in de ___.

Zonder account. Er wordt niets bewaard.

Hoe leer je weetwoorden het best aan?

Weetwoorden onthoud je niet door één keer een rijtje over te schrijven. Een kind heeft een stevig woordbeeld nodig, en dat ontstaat door het woord vaak en op verschillende manieren te zien, te schrijven en te gebruiken.

Begin met één klank. Laat het kind eerst alleen woorden met ei zoeken, markeren en overschrijven, tot die woorden vertrouwd voelen. Doe daarna hetzelfde met ij. Pas als beide groepen apart goed zitten, komen ze samen: markeren in twee kleuren, sorteren in twee kolommen en de juiste klank invullen. Wie te snel mengt, oefent vooral twijfel.

Gebruik woorden die kinderen echt schrijven, zoals trein, tijd en klein, en geef ze een plaats in een zin. Een ezelsbruggetje werkt voor sommige woorden, maar niet voor allemaal. Herhaal tot slot kort en vaak: elke dag even werkt beter dan één lange sessie per week.

Welke weetwoorden oefen je in welk leerjaar?

De volgorde van weetwoorden hangt sterk af van de methode, maar er is een duidelijke lijn. Ei en ij en ou en au komen als eerste aan bod, omdat kinderen ze al vroeg in veel woorden tegenkomen. Ze leren deze tweetekenklanken lezen in het eerste leerjaar en ze correct spellen vanaf het tweede.

Wr en vr volgen iets later. Het gaat om een kleine groep woorden zoals wraak, wrijven en vragen, waarbij je in de uitspraak weinig verschil hoort. Ook bij s of z en v of f helpt luisteren maar beperkt: zon en sok, vis en fiets beginnen voor veel kinderen met dezelfde klank.

In de bovenbouw komen woorden met -isch en -ies erbij, zoals logisch en typisch. De tabel geeft een richtlijn. Kijk vooral naar de fouten van het kind, want een weetwoord dat in het vierde leerjaar nog misloopt, verdient opnieuw aandacht.

WeetwoordenVoorbeeldenVaak aan bod
ei of ijtrein, fijn, tijdtweede en derde leerjaar
ou of augoud, blauw, saustweede en derde leerjaar
wr of vrwraak, wrijven, vragenderde en vierde leerjaar
s of zzon, sok, zandtweede en derde leerjaar
v of fvis, fiets, vostweede en derde leerjaar
-isch of -ieslogisch, typischvijfde en zesde leerjaar

Welke oefenvormen vind je in de reeks weetwoorden?

Per klank en per combinatie van klanken is er een reeks oefenvormen die van herkennen naar zelf schrijven loopt. Herkennen is de eerste stap: het kind markeert de woorden met ei in zinnen, of markeert ei en ij in twee kleuren. Daarna schrijft het de woorden over en vult het ze in zinnen in.

Voor de combinaties zijn er sorteeroefeningen in kolommen, oefeningen waarin het kind alleen de klank invult, en prenten waarbij het het woord eronder schrijft. Bij s of z en v of f komen daar meerkeuze en zoek de fout bij, telkens met een gelijke verdeling over beide letters. Bij -isch en -ies vult het kind de uitgang in, kiest het het juiste woord of verbetert het een fout.

Je stelt het aantal vragen en het lettertype in, en bij markeren kies je een moeilijkere versie. Elk werkblad heeft een oplossingsblad. Online verbetert het systeem automatisch.

  • Markeren in zinnen, in één of twee kleuren
  • Overschrijven en zinnen invullen
  • Sorteren in kolommen en klank invullen
  • Woord onder de prent schrijven
  • Meerkeuze en zoek de fout bij s/z en v/f
  • Uitgang invullen en fout verbeteren bij -isch en -ies

Hoe help je een kind dat ei en ij blijft verwisselen?

Hardnekkige verwisselingen zijn heel gewoon. Het kind hoort geen verschil en moet dus volledig op zijn geheugen vertrouwen. Meer van hetzelfde werkt dan zelden. Beter is het om de hoeveelheid kleiner en de herhaling slimmer te maken.

Kies een kleine set van woorden die het kind vaak schrijft, bijvoorbeeld de woorden die in het laatste dictee fout gingen. Maak daar een eigen woordenlijst van en oefen alleen die woorden, eerst apart per klank en pas later gemengd. Laat het kind het woord bekijken, de moeilijke plek aanwijzen, het woord afdekken en dan schrijven.

Voor ouders werkt een korte oefening thuis goed: vijf minuten per dag is genoeg. Zet daarvoor een oefening online klaar als huiswerk, zodat het kind meteen ziet wat juist is. Een logopedist of zorgleerkracht kan dezelfde woorden meenemen in de sessie, zodat het kind ze overal opnieuw tegenkomt.

Alle oefeningen weetwoorden

61 werkbladen, waarvan 61 ook online te spelen. Elk werkblad stel je zelf in: aantal vragen, lettertype en moeilijkheid.

Woorden met ei/ij

  • Onthoudwoorden ei - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden ei - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden ei - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden ij - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden ij - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden ij - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Markeren twee kleurenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Sorterenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Klank invullenonline
  • Onthoudwoorden ei/ij - Prentenonline
  • Onthoudwoorden ei - Markeren (moeilijk)online
  • Onthoudwoorden ij - Markeren (moeilijk)online
  • Onthoudwoorden ei/ij - Markeren twee kleuren (moeilijk)online

Woorden met ou/au

  • Onthoudwoorden ou - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden ou - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden ou - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden au - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden au - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden au - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Markeren twee kleurenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Sorterenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Klank invullenonline
  • Onthoudwoorden ou/au - Prentenonline
  • Onthoudwoorden ou - Markeren (moeilijk)online
  • Onthoudwoorden au - Markeren (moeilijk)online
  • Onthoudwoorden ou/au - Markeren twee kleuren (moeilijk)online

Woorden met wr en vr

  • Onthoudwoorden wr - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden wr - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden wr - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden vr - Markeren in zinnenonline
  • Onthoudwoorden vr - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden vr - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Markeren twee kleurenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Overschrijvenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Zinnen invullenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Sorterenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Klank invullenonline
  • Onthoudwoorden wr/vr - Prentenonline

Stemhebbend/stemloos - s/z

  • Stemhebbend/stemloos s/z - Letter invullenonline
  • Stemhebbend/stemloos s/z - Meerkeuzeonline
  • Stemhebbend/stemloos s/z - Sorterenonline
  • Stemhebbend/stemloos s/z - Zoek de foutonline
  • Stemhebbend/stemloos s/z - Zinnen invullenonline
  • Stemhebbend/stemloos s/z - Prentenonline

Stemhebbend/stemloos - v/f

  • Stemhebbend/stemloos v/f - Letter invullenonline
  • Stemhebbend/stemloos v/f - Meerkeuzeonline
  • Stemhebbend/stemloos v/f - Sorterenonline
  • Stemhebbend/stemloos v/f - Zoek de foutonline
  • Stemhebbend/stemloos v/f - Zinnen invullenonline
  • Stemhebbend/stemloos v/f - Prentenonline

Woorden met -isch/-ies

  • Woorden met -isch/-ies - Markeren in zinnenonline
  • Woorden met -isch/-ies - Uitgang invullenonline
  • Woorden met -isch/-ies - Kies het juiste woordonline
  • Woorden met -ies - Meervoud schrijvenonline
  • Woorden met -isch/-ies - Fout verbeterenonline
  • Woorden met -isch/-ies - Zinnen aanvullenonline
  • Woorden met -isch/-ies - Sorterenonline

Welke minimumdoelen oefen je hiermee?

Een greep uit de Vlaamse minimumdoelen waar deze oefeningen bij aansluiten. Alle minimumdoelen bekijken

  • Nederlands, 4de leerjaar, doel 1.2.5

    De leerlingen kunnen de volgende categorieën van woorden spellen:

  • Nederlands, 6de leerjaar, doel 1.2.4

    De leerling kan de volgende categorieën van woorden spellen:

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen weetwoorden en onthoudwoorden?

Het is hetzelfde begrip met een andere naam. Sommige methodes spreken van weetwoorden, andere van onthoudwoorden. In De Oefenfabriek heten de oefeningen onthoudwoorden en staan ze onder weetwoorden.

Bestaat er een regel voor ei en ij?

Voor de meeste woorden niet. Er zijn wel vaste stukjes: het achtervoegsel -lijk schrijf je altijd met ij en -heid altijd met ei. Voor de rest moet een kind het woordbeeld onthouden.

Waarom staan s/z en v/f bij weetwoorden?

Omdat veel kinderen het verschil tussen zon en sok of vis en fiets niet duidelijk horen. Ze kunnen dus niet op hun gehoor vertrouwen en moeten het woordbeeld onthouden. De oefeningen verdelen de woorden gelijk over beide letters.

Kan ik de weetwoorden uit ons dictee gebruiken?

Ja. Maak een eigen woordenlijst met de woorden uit je methode of het dictee, en genereer daarmee een werkblad. Zo oefent het kind precies de woorden die het moet kennen.

Weetwoorden oefenen met je eigen werkblad

Kies een oefening, stel ze in en print. De oplossingen krijg je er gratis bij.